• Jan Wieman

Jong ontmoet oud: Gesprek leidt tot zorgzaamheid

Jan Wieman

SLIEDRECHT De start op de arbeidsmarkt van de 21-jarige Art Alblas en de manier waarop Gijs van der Wiel (85) als kind aan het werk werd gezet is onvergelijkbaar. Art brak zijn studie Sociaal Agogisch Werk af. Het praktijkgedeelte, omgaan met mensen met een verslaving, vond hij erg leuk maar het theoretische deel boeide niet. Art werkt 4 dagen en 'draait' dan meer dan 40 uur per week. Gijs kreeg als 9-jarige van zijn vader te horen dat hij zes dagen in de week 's morgens om half zes op moest staan om stenen te bikken tot het tijd werd om naar school te gaan. Na schooltijd moest hij weer tot 's avonds negen uur aan het werk.

Als Art de woning van Gijs binnenkomt, krijgt hij een plek aan tafel toegewezen en ligt er al envelop met een presentje en een briefje in het Sliedrechts dialect voor hem klaar. Weer zitten er twee mensen tegenover elkaar die elkaar veel willen vertellen, naar elkaar willen luisteren en respectvol met elkaar omgaan.

Gijs praat steeds een beetje in het Sliedrechts dialect. Als Gijs een summiere beschrijving van zijn jeugdjaren en de jaren dat hij in het bedrijf van zijn vader moest werken geeft, klinkt er diverse keren een meelevend " ach" en " tjonge jonge'' uit Art's mond. Art informeert belangstellend hoe bepaalde dingen eraan toegingen en welke invloed deze hadden op het leven van Gijs, wat hij hoort lijkt zijn voorstellingsvermogen soms te boven te gaan. Maar de verhalen, die soms een bizar karakter hebben, worden ook doorspekt met humor. Klagen is niet de stijl van Gijs, hij benoemt iets, er komt regelmatig iets ernstigs voorbij, om er vervolgens een vrolijke noot achteraan te vertellen.

Ondanks de moeilijke jaren die Gijs door het tirannieke gedrag van zijn vader doormaakte wist hij in de avonduren het diploma Burgerlijke- en Utiliteitsbouw te behalen. ,,Alleen voor Nederlands had ik een nul. De docent vroeg hoe dat nou toch kwam. Ik vertelde dat niet eens de kans had de lagere school af te maken. Als ik 's morgens vroeg een paar uur stenen had moeten bikken, trilden mijn handen zo erg dat ik niet eens meer fatsoenlijk kon schrijven. Ik bleef twee keer zitten, deed nog een jaar de VGLO en moest toen aan het werk in het bedrijf van mijn vader. Ik verdiende een rijksdaalder in de week, die moest ik inleveren en kreeg een kwartje terug als zakgeld."

Art is een geboren en getogen Sliedrechter, zijn hele sociale leven speelde en speelt zich in het dorp af, alleen zijn vriendin komt wel uit Langerak. Samen met zijn vier zusjes en een broertje groeide hij op in Sliedrecht. Hij kon rustig naar school gaan en zich lekker bezighouden met zijn hobby's: muziek maken bij Crescendo en skaten. Tegenwoordig vindt hij vooral het stuntskaten erg leuk om te doen.

Samen met zijn vrienden en vriendinnen kan hij urenlang chillen op hun plekje bij de haven. ,,Ik heb Mbo-opleiding maar een prachtige baan HBO-baan, ik heb een mooi leven. Ik werk veel, maar dat vind ik niet erg, ik werk heel zelfstandig en het is heel leuk werk. Ze hebben me uitgekozen uit 160 kandidaten", vertelt hij met trots. Gijs deelt complimenten uit.

Gijs wil graag weten wie de ouders van Art zijn. De namen van de ouders en grootouders worden genoemd. Dat is voor Gijs wel interessant omdat hij van vele Sliedrechters de bijnamen kent, bij de familie van Art gaat dit echter niet op. ,,Dus", concludeert Gijs, ,,je bent een Brijhapper, je bent hier 'gekipt en gebroeid'". Die laatste uitdrukking kent Art niet. Maar het Sliedrechts is Gijs op het lijf geschreven, hij werkte mee aan 327 radio-uitzendingen van Merweradio waar hij in het Sliedrechts dialect verhalen vertelde over gebeurtenissen in het dorp en was een van de auteurs van de boekjes 'Waffere Momme' en de 'Sliedrechtse Bijnamen' uitgegeven door de Historische Vereniging.

Er komen foto's op tafel. Als Gijs de foto's toont waarop te zien is dat hij de gouden speld krijgt uitgereikt omdat hij 50 jaar lid was van de K.N.R.M steekt Art zijn bewondering niet onder stoelen of banken. "Daar mag u wel heel trots op zijn!", zegt hij. Gijs glimt dan ook van trots als hij uitgebreid vertelt over de dag dat hij werd gehuldigd op het werkeiland Neeltje Jans.

Plotseling gaat het roer om als Gijs vertelt dat hij jarenlang veel last van astma heeft en zegt: ,,Ik heb zelf ook gerookt hoor, maar ik ben er van de ene op de andere dag mee opgehouden. Roken is zo slecht voor een mens, daarom moet je er nooit aan beginnen." Waarop Art zegt: ,,Dan heb ik al een kans gemist, want ik ben al begonnen, ik rook niet zoveel, maar toch." Gijs: ,,Stop nou maar jongen, dat kan altijd, doe dat nou maar, dat is veel beter voor je."

Aandoenlijk is om te zien als de twee mannen aan het eind van het gesprek naar beneden lopen voor een foto. Gijs loopt een beetje moeilijk. ,,Zal ik u een arm geven", vraagt Art. ,,Ja, doe dat jongen, een beetje steun kan ik wel gebruiken, dan kieper ik niet tegen de grond." Gearmd lopen de mannen naar buiten. Art is heel beschermend als de foto op het grasrandje gemaakt gaat worden.