Koopkracht minima Drechtsteden verbeterd

SLIEDRECHT De koopkracht van de minima in de Drechtsteden is sinds 2013 fors verbeterd. Huishoudens met een laag inkomen hebben duidelijk meer te besteden dan twee jaar geleden. Dat blijkt uit een evaluatie van het minimabeleid, die vandaag naar de Drechtraad is gestuurd. Het aantal minima in de regio Drechtsteden is - net als in de rest van het land - wel toegenomen.

Het onderzoek vergelijkt de situatie in 2015 met die in 2013 en is uitgevoerd door het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) en door het Onderzoekscentrum Drechtsteden (OCD). Het Nibud heeft de effecten van zowel landelijk als lokaal beleid op groepen minima in de Drechtsteden onderzocht. Het OCD deed onderzoek naar het gebruik en bereik van de verschillende minimaregelingen.

Maatregelen van de Sociale Dienst Drechtsteden, zoals het Persoonlijk Minimabudget, de vrijwilligersbonus, het SMS kinderfonds voor school, muziek en sport en de collectieve zorgverzekering voor minima, hebben effect. Zowel voor alleenstaande minima, voor minima met kinderen als voor alleenstaanden ouderen met een zorgvraag is de koopkracht fors verbeterd.

Alleenstaande minima en minima met kinderen houden na de basisuitgaven (huur, kleding, voeding, tv, internet, telefoon en verzekeringen) aan het eind van de maand gemiddeld nog een klein beetje geld over. Twee jaar geleden hadden die groepen nog een negatief koopkrachtplaatje. Na uitgaven voor maatschappelijke participatie, zoals contributies en abonnementen, vakanties, uitgaan en vervoer komen de meeste minima nog wel negatief uit. Het Nibud adviseert daarom onder andere om afspraken te maken met woningcorporaties over verlaging van de huurlasten en om ook voor volwassenen een vergoeding voor cultuur en sport in te stellen. Portefeuillehouder Bert van de Burgt van de Drechtsteden neemt die aanbevelingen over en kondigt aan dat daarover voor het eind van het jaar een voorstel zal worden gedaan.

Het gebruik van de minimaregelingen is in 2015, ten opzichte van 2013, over de hele linie toegenomen. Een forse stijging is te zien in het aantal keer dat bijstand is verstrekt voor de aanschaf van huisraad en bewindvoering; bijna een verdrievoudiging. Die stijging wordt volgens het OCD voor het grootste deel veroorzaakt door een toename van het aantal statushouders, daklozen, slachtoffers van huiselijk geweld en onder bewindgestelden.

Uit het onderzoek blijkt ook dat nog steeds een deel van de doelgroep niet wordt bereikt, waardoor mensen geen gebruik maken van regelingen waar ze wel recht op hebben. Het Nibud en het OCD adviseren om te onderzoeken hoe de bekendheid van regelingen vergroot kan worden.

Portefeuillehouder Van de Burgt wil daarover binnenkort met het Platform tegen de Armoede en de Stichting Cliëntenraad Regio Drechtsteden in gesprek. ,,Het niet gebruiken van regelingen waar mensen wel recht op hebben, kan leiden tot het onnodig oplopen van schulden. Ik wil daarom een taskforce instellen om de bekendheid van lokale en landelijke ondersteuningsregelingen te vergroten en de financiële zelfredzaamheid van minima te verbeteren. Effectieve bestrijding van armoede bevordert een betere participatie van mensen in de samenleving."